Slachtoffer worden van een inbraak is niet niks. Uw waardevolle en dikwijls dierbare spullen zijn weg. En het idee dat er vreemden in uw huis hebben rondgelopen en aan uw privé-spullen hebben gezeten, zorgt voor een uiterst onbehaaglijk gevoel.

Slachtoffers zijn na een inbraak geschokt en dat is heel logisch. Daarover gaat deze pagina's. Maar ook over het politiebezoek, het bureau Slachtofferhulp en de maatregelen, waarmee U kunt voorkomen dat U (nogmaals) het slachtoffer wordt van een woninginbraak.

inbraak1Aangifte

Na de inbraak doet u daar allereerst aangifte van bij de politie. De politieagent(e) komt bij U thuis en noteert zoveel mogelijk bijzonderheden. Hij of zij wil alles zo exact mogelijk weten. De aangifte wordt aan het bureau uitgewerkt tot een officieel document. Het is raadzaam om uw verzekeringsmaatschappij zo snel mogelijk van de inbraak op de hoogte te brengen. De verzekeraar zal u in dat geval om een bewijs van de aangifte vragen. Dit bewijs ontvangt u zo snel mogelijk van de politie.

In de meeste regio's wordt U gewezen op de mogelijkheid om gebruik te maken van het bureau Slachtofferhulp. Veel politiebureaus hebben de afspraak met dit bureau, dat iedere slachtoffer automatisch bij het bureau wordt aangemeld.

Onderzoek woning

De politie is bij een inbraak in een aantal zaken geïnteresseerd. Met name hoe de dader in uw woning is binnengekomen. Wat hij aan spullen heeft meegenomen. En hoe hij vervolgens uw woning weer heeft verlaten. Om antwoord op deze vragen te krijgen gaat de politie uw woning grondig bekijken.

Sporenonderzoek

Hoe voorzichtig een inbreker ook te werk gaat, sporen laat hij vrij wel altijd achter. Sommige sporen zijn duidelijk zichtbaar, een afdruk van een modderschoen bijvoorbeeld. Andere sporen zoals vingerafdrukken zijn op het eerste oog minder goed of zelfs helemaal niet te zien.

sporenDe politie zal u daarom verzoeken nergens aan te komen en u vragen alles te laten liggen, totdat zij bij u is geweest. Er zijn situaties denkbaar waarbij dat erg lastig, zo niet onmogelijk is. In die gevallen kunnen in overleg met de politie noodmaatregelen worden genomen.

Doorgaans komt er na een woninginbraak, waarbij zichtbare sporen zijn achtergelaten, een technisch rechercheur om deze sporen te onderzoeken.

Buurtonderzoek

In veel gevallen zal de politie ook bij de buurtbewoners op bezoek gaan. Om te vragen of zij wellicht iets hebben gezien wat vreemd was of voor andere aanwijzingen over de mogelijke dader.

Een op het eerste oog onbelangrijk gegeven kan voor de politie dikwijls een belangrijke aanwijzing zijn.

Tweede bezoek

Na enige tijd komt de politie nog een keer bij u op bezoek. Vaak blijven mensen na een inbraak met allerlei vragen en twijfels Tijdens dit tweede bezoek krijgt u gelegenheid om hierover te praten.

Ook kan het intussen duidelijk zijn geworden dat u nog meer spullen mist waarvan u nog geen aangifte heeft gedaan. Dat kunt u dan alsnog doen. Het is handig deze spullen op te schrijven. Het bezoek is er ook voor om u even bij te praten over de stand van zaken van uw aangifte.

Wat kunt u zelf doen?

Het woord slachtoffer in verband met woninginbraak klinkt nogal ernstig. Maar de praktijk laat zien dat iemand bij wie is ingebroken daar overstuur, angstig of boos door kan worden.

Spullen zijn weg, vreemden hebben in de woning rondgelopen, de privacy is geschonden en men voelt zich niet meer prettig in het huis. Een inbraak of een poging daartoe maakt veel indruk; direct of na verloop van tijd Als dat ook bij u het geval is, dan is het verstandig daar iets aan te doen. Maar wat?

Om erger te voorkomen

Na de inbraak is het van belang dat u een aantal zaken regelt. Dit om te voorkomen dat u nog eens extra gedupeerd wordt.

  • Stel uw verzekeringsmaatschappij binnen de gestelde tijd op de hoogte. Meestal dient dit binnen 2 X 24 uur te gebeuren, maar lees voor de zekerheid uw polis er op na.
  • Als er bank- en/of giropassen, cheques, betaalkaarten of creditcards zijn gestolen, laat deze dan zo snel mogelijk blokkeren.
  • Als er geld van uw rekening wordt afgeschreven met een cheque, betaalkaart, bank of giropas die van u gestolen is, geef dat dan direct door aan de politie. Probeer dan in contact te komen met de politie medewerker die uw aangifte heeft opgesteld. Het is belangrijk dat u het bewuste afschrift meeneemt naar de politie. Die maakt daar een kopie van.
  • Vertel uw pincode nooit aan iemand; ook niet aan de bank of de politie.
  • Als uw paspoort, rijbewijs of kentekenbewijs is gestolen, is het aan te raden een week te wachten voordat u een nieuwe gaat aanschaffen. Het komt regelmatig voor dat deze documenten kort na de diefstal ergens anders worden teruggevonden.
  • Bij braakschade in een huurwoning zult u de verhuurder op de hoogte moeten stellen. De schade kan dan snel worden gerepareerd. Wacht echter met repareren tot de technische recherche is geweest. De politie maakt voor onderzoek bij woninginbraak graag gebruik van wat anderen horen en zien. Die informatie is voor de politie onmisbaar. Ziet u dus wat vreemds of verdachts, bel dan altijd de politie.

Buro slachtofferhulp

Schroom niet om met anderen over de inbraak en de ontstane emoties te praten. De ervaring leert dat praten enorm op kan luchten. Daarvoor kunt u ook bij Bureau Slachtofferhulp terecht.

Naast eventuele emoties zoals spanning en angst, krijgt u na een inbraak ook te maken met de zakelijke nasleep: schadevergoeding, verzekeringen en juridische aangelegenheden. Voor al deze dingen kunt u voor hulp en steun aankloppen bij het Bureau Slachtofferhulp. Daar werken professionele mensen die u kunnen helpen.

Samengevat kunt u er terecht voor:

  • emotionele ondersteuning; informatie en advies over het regelen van allerlei praktische zaken (o.a. verzekering)
  • hulp bij het invullen van formulieren en het schrijven van brieven.
  • bemiddeling, bijvoorbeeld wanneer u contact wilt hebben met de verdachte;
  • informatie en advies over schadevergoeding en bemiddeling;
  • eventuele doorverwijzing naar andere hulpverlenende instanties.
  • geeft informatie over juridische procedures en verzekeringen.
  • helpt bij het invullen van formulieren of het schrijven van brieven.
  • gaat soms mee naar de politie, arts, advocaat of rechtbank.
  • verwijst naar deskundigen zoals een letselschade-advocaat.
  • verwijst naar andere hulpverleners.
  • kan (in sommige gevallen) zorgen voor contact met lotgenoten.
  • helpt u direct of maakt een afspraak.
  • behandelt alles wat u vertelt vertrouwelijk.
  • komt eventueel bij u thuis.
  • slachtofferhulp is gratis.
  • advies en hulp wordt gegeven door deskundige vrijwilligers.

En daarna?

Als u dat wilt, houdt de politie u op de hoogte van de vorderingen van het onderzoek naar de inbraak in uw woning. Als de verdachte is aangehouden, wordt u daarvan op de hoogte gebracht. Heeft u schade geleden, dan kan de politie in sommige gevallen bemiddelen tussen u (of uw verzekeringsmaatschappij) en de verdachte. Met name bij schadevergoedingen tot een bedrag van € 700,-.

Aanhouding verdachte

Als het tot een aanhouding van een verdachte is gekomen, wordt er proces-verbaal opgemaakt en opgestuurd naar de officier van justitie. Deze beslist wat er verder gaat gebeuren.

Hij kan bijvoorbeeld:

  • besluiten om de verdachte niet te vervolgen.
  • de verdachte een schikking aanbieden door hem een boete op te leggen.
  • de inbraak voor de rechter te brengen.

In het laatste geval vraagt de officier van justitie aan de rechter om de verdachte een straf op te leggen. Als u bij uw aangifte heeft gemeld dat u uw schade vergoed wilt zien, dan kan de officier van justitie proberen dit voor elkaar te krijgen Overigens zal ook hij u op de hoogte houden van de stand van zaken.

Geen aanhouding

De politie doet uiteraard haar uiterste best om een zaak op te lossen. Maar het kan natuurlijk gebeuren dat ze de zaak 'niet rond krijgt' en ze geen verdachte aan kunnen houden.

Mocht dat onverhoopt het geval zijn, wordt U daarvan op de hoogte gebracht. De politie sluit een onderzoek echter nooit definitief af. Uw aangifte blijft altijd onder handbereik. En doen er zich nieuwe ontwikkelingen voor, dan wordt uw zaak weer opgepakt.

Veilig wonen

Woningen die aan bepaalde veiligheidseisen voldoen, kunnen in aanmerking komen voor het keurmerk Veilig Wonen. Meer daarover kunt u lezen in de brochure Veilig Wonen. Deze ligt voor u klaar op het politiebureau.

Naast inbraakpreventie is brandpreventie ook een belangrijke manier om van uw huis een veilig huis te maken. Welke maatregelen u kunt nemen om brand zoveel mogelijk te voorkomen, staat eveneens in de brochure Veilig Wonen.

Checklist naar een veilige woning

De stappen naar een Veilige Woning:

  1. Brochure Slachtoffer woninginbraak ontvangen.
  2. Preventieadvies gevraagd.
  3. Voorwaarden verzekeringsmaatschappij nagekeken.
  4. Preventieadvies gekregen. Afspraken met buren/buurt gemaakt om het huis van elkaar in de gaten te houden.
  5. Waardevolle goederen van postcode plus huisnummer voorzien.
  6. Registratiekaart ingevuld.
  7. Verbeteringen aangebracht / aan laten brengen.
  8. Gereedmeldingskaart ingestuurd d.d._________
  9. Afspraak met politie gemaakt voor nacontrole.
  10. Certificaat Veilige Woning ontvangen.
  11. Blijven opletten op verdachte personen en situaties.
  12. Kopie certificaat Veilige Woning naar verzekeringsmaatschappij gestuurd.
  13. Premiekorting ontvangen.
  14. Aanhoudende zorg voor beveiliging / verlichting / struikgewas / oplettendheid.
  15. Samenwerken aan veilig wonen gerealiseerd.

Politiesites