Bij de politie doen de mensen verschillend werk. Vaak zie je dat aan de kleding die ze dragen of aan de naam van de afdeling waar ze werken. Op deze pagina staan een paar voorbeelden.

 

pol12De mensen van de verkeerspolitie herken je aan het pak dat ze op de motor of in de auto aan hebben. Vaak is dat een wit/oranje jas en een donkerblauwe broek. Het gemakkelijkst zie je het natuurlijk aan hun auto. Ook gebruiken ze een "gewone" auto of motor, zonder zwaailichten en sirene.

De mensen van de surveillancedienst zie je vrijwel de hele dag op straat. Ze hebben het "normale" uniform aan. Deze mensen kunnen ook een tweede taak hebben, zoals lid zijn van de Mobiele Eenheid of politiehondengeleider.

Bij de recherche en technische opsporingsdienst werken ze meestal zonder uniform. Dat doen ze om ongestoord een onderzoek te kunnen doen.

De mensen van de vreemdelingendienst controleren of buitenlanders in Nederland mogen wonen. Als het mag, zet de politie dat op papier. Deze mensen krijgen dan een "verblijfsvergunning".

Soms hebben regio's speciale afdelingen, die ze ergens anders niet hebben. Wanneer er veel water (rivieren/meren) is, hebben ze een afdeling water- of rivierpolitie. Sommige regio's hebben een afdeling strandpolitie.

Er werken ook mensen bij de politie die geen politiediploma hebben. Die werken op kantoor, in het restaurant of in de garage.

Politiemensen hebben altijd een bewijs bij zich, dat ze bij de politie werken. Dat is een kaart met de naam, de functie en de pasfoto. Deze kaart noemen we het politielegitimatiebewijs. Als je bijvoorbeeld gevraagd wordt of je mee wil gaan naar het bureau, mag je altijd vragen naar dit bewijs. Dan kun je controleren of je met een echte politieman of politievrouw te maken hebt.