Een rijbewijs krijgen is een kunst op zich. De eisen, die het Centraal Bureau Rijvaardigheid stelt tijdens het rijexamen zijn vrij hoog. De kans, dat iemand in één keer slaagt is klein. Als men de roze card eenmaal heeft, heerst de algemene gedachte, dat men het bewijs voor het leven heeft. Tevens denkt men, dat het niet zo gemakkelijk kwijt te raken is. Op deze pagina staat informatie over hoe iemand het rijbewijs ongewild toch kwijt kan raken.

 

Vorderingsprocedure rijgeschiktheid/rijvaardigheid

alt

altOm aan het verkeer deel te nemen moeten bestuurders medisch geschikt en rijvaardig zijn. Houders van een rijbewijs hebben ooit aangetoond dat zij aan deze voorwaarden voldoen. Maar desondanks is het mogelijk dat er getwijfeld moet worden aan de rijgeschiktheid of rijvaardigheid van sommige bestuurders.

Op dat moment is de verkeersveiligheid in het geding en kan de zogenaamde vorderingsprocedure worden gestart. De vorderingsprocedure is een verkeersveiligheidsmaatregel die namens de minister van Verkeer en Waterstaat wordt uitgevoerd door de divisie Vorderingen van het CBR.

Beginpunt van de procedure ligt bij de politie, de officier van justitie of de directeur van het CBR. Bij hen kan het vermoeden ontstaan, dat de houder van een rijbewijs niet meer voldoet aan de eisen voor geschiktheid of rijvaardigheid. Meestal ontstaat dit vermoeden door een feitelijke constatering van de politie.

De politie informeert dan door middel van een zogenaamde 'mededeling' de divisie Vorderingen van het CBR, die verder actie onderneemt.

Dit is wettelijk vastgelegd in artikel 130, lid 1 Wegenverkeerswet 1994. In het 2e lid staat dat in een aantal gevallen het rijbewijs ook direct ingevorderd zal worden.

Dat is bij:

  • rijden onder invloed van drogerende stof, niet zijnde alcohol

  • poging zelfdoding met motorrijtuig

  • duidelijk zichtbaar dat bestuurder geestelijk/lichamelijk niet functioneert

  • spookrijden

  • 3 aanrijdingen veroorzaakt in 1 jaar

  • betrokken bij aanrijding met duidelijke materiële schade en daarvan niets gemerkt

  • niet in staat motorrijtuig onder bedwang te houden

  • aanrijding veroorzaakt door intrappen onjuist pedaal

  • bewust ingereden op andere weggebruiker

  • er wordt een alcoholpercentage vastgesteld van 570 ugl/1,3% of meer (m.u.v. bromfietser)

  • er wordt bij de beginnende bestuurder (BB) een alcoholpercentage vastgesteld van 435 ugl/1,0% of meer (m.u.v. bromfietser)

  • bromfietser wordt een alcoholpercentage vastgesteld van 785 ugl/1,8% of meer

  • bestuurder weigert medewerking aan alcoholonderzoeken (m.u.v. bromfietser)

  • in vijf jaar tenminste 4x een proces-verbaal voor rijden onder invloed

  • BB heeft drie punten behaald (vanaf 1/10/14 twee punten)

  • tijdens deelneming aan alcoholslotprogramma (ASP) weer proces-verbaal rijden onder invloed

  • 17 jarige rijden zonder begeleider of met begeleider die onder invloed is

 

Na een mededeling besluit het CBR tot:

a. oplegging van een educatieve maatregel ter bevordering van de rijvaardigheid of geschiktheid,

b. oplegging van een ASP, of

c. een onderzoek naar de rijvaardigheid of geschiktheid.

 

Uitleg onder a)

1e

lichte educatieve maatregel alcohol en verkeer. (LEMA)

wanneer:

  • er wordt een alcoholpercentage vastgesteld van 350 ugl/0,8% of hoger, maar lager dan 435ugl/1,0%.

  • er wordt bij een BB een alcoholpercentage vastgesteld van 220 ugl/0,5% of hoger, maar lager dan 350ugl/0,8%.

Dit gebeurd niet in de volgende gevallen:

  • als de bestuurder een ongeval heeft veroorzaakt waarbij iemand zwaar letsel heeft bekomen of is gedood

  • als de hij de Nederlandse taal of andere aangewezen taal onvoldoende beheerst (ivm lesgeven in deze taal)

  • als hij de afgelopen vijf jaar al aan een LEMA heeft deelgenomen

  • als hij de afgelopen vijf jaar aan een EMA heeft deelgenomen

  • als hij de afgelopen vijf jaar aan een ASP heeft deelgenomen

  • als hij de afgelopen vijf jaar heeft moeten onderwerpen aan onderzoek geschiktheid wegens alcohol

  • Als hij lijdt aan een ernstige psychiatrische stoornis of dementie, dan wel aan een langdurige lichamelijke stoornis die deelname onmogelijk maakt

  • als vermoeden bestaat dat er bij hem sprake is van alcoholafhankelijkheid

  • als bij de politie bekend is dat hij regelmatig drogerende stoffen gebruikt

Wanneer verleent deelnemer niet de vereiste medewerking

  • de kosten niet heeft voldaan binnen gestelde termijn

  • onder invloed op cursus verschijnt

  • niet meewerkt zonder geldige reden van verhindering

  • demonstratief niet aan de cursus deelneemt

  • zich tijdens de cursus agressief gedraagt

  • zich tijdens de cursus op andere wijze het groepsproces verstoort

Kosten

  • opleggen maatregel €318,-

  • uitvoering maatregel €208,-

Na de bekendmaking tot deelname moeten deze kosten binnen 5 weken betaald zijn.

 

2e

Educatieve maatregel alcohol en verkeer (EMA)

Wanneer:

  • er wordt een alcoholpercentage vastgesteld van 435 ugl/1,0% of hoger, maar lager dan 570ugl/1,3%.

  • er wordt bij een BB een alcoholpercentage vastgesteld van 350 ugl/0,8% of hoger, maar lager dan 435ugl/1,0%.

  • binnen vijf jaar ten minste 2x proces-verbaal rijden onder invloed, waarbij bij één het alcoholpercentage hoger was dan 220ugl/0,5% of bij BB hoger dan 88ugl/0,2%

  • hij de LEMA zou moeten doen, maar dat al heeft gedaan afgelopen vijf jaar

  • hij niet in aanmerking komt voor een ASP omdat hij bromfietser was en hem afgelopen vijf jaar niet eerder een EMA is opgelegd.

  • hij niet in aanmerking komt voor een ASP omdat hij inkomensafhankelijk is van rijbewijs C of D en hem afgelopen vijf jaar niet eerder een EMA is opgelegd.

 

Medewerking verlenen is gelijk aan de LEMA

 

Niet in aanmerking komen is gelijk aan LEMA, m.u.v. het eerder hebben deelgenomen aan een LEMA

 

Kosten

  • opleggen maatregel €318,-

  • kosten uitvoering €684,-

3e

Educatieve maatregel gedrag en verkeer (EMG)

Wanneer:

  • er herhaaldelijk gedragingen (zie lijst hieronder) zijn gepleegd.

  • er binnen de bebouwde 50 of meer te snel is gereden. Bromfietsers vanaf 31 of meer te snel.

  • er binnen de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden 31 of meer te snel is gereden

  • hij de LEMA zou moeten doen, maar dat al heeft gedaan afgelopen vijf jaar

  • hij niet in aanmerking komt voor een ASP omdat hij bromfietser was en hem afgelopen vijf jaar niet eerder een EMA is opgelegd.

  • hij niet in aanmerking komt voor een ASP omdat hij inkomensafhankelijk is van rijbewijs C of D en hem afgelopen vijf jaar niet eerder een EMA is opgelegd.

 

Lijst gedragingen de gepleegd kunnen worden om in aanmerking te komen voor de EMG:

1. Gevaarzettend rijgedrag waardoor:

  • a) andere weggebruikers of obstakels rakelings worden gepasseerd;

  • b) andere weggebruikers worden klem gereden of de weg wordt afgesneden.

  • 2. Gebrek aan inzicht in risico’s in het verkeer, zoals:

    • a) onvoldoende anticiperen op het gedrag van andere weggebruikers;

    • b) niet adequaat reageren op bijzondere verkeerssituaties, zoals filevorming;

    • c) niet tijdig onderkennen van de invloed van externe factoren, zoals het weer, de toestand van de weg, het tijdstip, de aanwezigheid van scholen, voetgangersoversteekplaatsen, de specifieke eigenschappen en de toestand van het eigen motorrijtuig en van andere voertuigen en van de vervoerde lading, of wegwerkzaamheden, of van interne factoren zoals het ‘hand held bellen’, afleiding door audiovisuele middelen of vermoeidheid;

    • d) uitvoeren van gevaarlijke inhaalmanoeuvres of inhalen nabij voetgangersoversteekplaatsen, waarbij voetgangers duidelijk in gevaar zijn gebracht;

    • e) met een te hoge snelheid naderen van of inhalen nabij voetgangersoversteekplaatsen of in andere onoverzichtelijke situaties, zoals kruisingen en spoorwegovergangen;

    • f) aanhouden van, gelet op de snelheid waarmee gereden wordt, een te korte en derhalve onveilige volgafstand;

    • g) geen rekening houden met de belangen van andere weggebruikers, zoals het:

      • 1) geen gelegenheid geven tot invoegen bij een rijbaanversmalling, na inhalen, vanaf de invoegstrook;

      • 2) blokkeren van doorgangen of dubbel parkeren.

  • 3. Incorrect samenspel met andere verkeersdeelnemers in het verkeer, dat blijkt uit:

    • a) rijden met een niet aan de snelheid van de overige gelijksoortige verkeersdeelnemers aangepaste snelheid;

    • b) onnodig remmen en stoppen;

    • c) snijden: het niet juist afmaken van de inhaalmanoeuvre door te snel en te abrupt naar rechts of naar links te gaan;

    • d) op te korte afstand volgen van voorliggers;

    • e) onjuist invoegen of onjuist uitvoegen.

  • 4. Duidelijk een gedrag tentoonspreiden dat in strijd is met de essentiële verkeersregels en verkeerstekens ter zake van:

    • a. de plaats op de weg, waaronder begrepen spookrijden;

    • b. het inhalen;

    • c. het verlenen van voorrang;

    • d. het naar links of rechts afslaan;

    • e. het gebruik van lichten en geven van signalen;

    • f. het rijden op auto(snel)wegen: bijvoorbeeld het rijden op de vluchtstrook of het negeren van het rode kruis boven een rijstrook;

    • g. het negeren van een rood verkeerslicht;

    • h. het als bestuurder van een motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets, overschrijden van de toegestane maximumsnelheid met 50 kilometer of meer op wegen binnen de bebouwde kom;

    • i. het als bestuurder van een motorrijtuig overschrijden van de toegestane maximumsnelheid met 31 kilometer of meer op wegen binnen de bebouwde kom bij wegwerkzaamheden;

    • j. het als bestuurder van een bromfiets overschrijden van de toegestane maximumsnelheid met 31 kilometer of meer op wegen binnen de bebouwde kom.

 

 

Medewerking verlenen is gelijk aan de LEMA

 

Niet in aanmerking komen is gelijk aan LEMA, m.u.v. het eerder hebben deelgenomen aan een LEMA

 

Kosten

  • opleggen maatregel €318,-

  • kosten uitvoering €684,-

 

Uitleg onder b)

Alcoholslotprogramma

 

Wanneer:

  • er wordt een alcoholpercentage vastgesteld van 570 ugl/1,3% of hoger, maar lager dan 785ugl/1,8%.

  • er wordt bij een BB een alcoholpercentage vastgesteld van 435 ugl/1,0% of hoger, maar lager dan 785ugl/1,8%.

  • na weigering medewerking alcoholonderzoeken bij de politie

  • binnen vijf jaar ten minste 3x proces-verbaal rijden onder invloed, waarbij bij één het alcoholpercentage hoger was dan 220ugl/0,5% of bij BB hoger dan 88ugl/0,2%

  • hij niet in aanmerking komt voor de LEMA of EMA vanwege veroorzaken ongeval, al eerder een EMA heeft gehad of alcoholafhankelijk is

 

Dit gebeurd niet in de volgende gevallen

  • hij de afgelopen vijf jaar al heeft deelgenomen aan het ASP

  • hij zich de afgelopen vijf jaar heeft moeten onderwerpen aan een onderzoek naar de geschiktheid

  • hij lijdt aan een ernstige psychiatrische stoornis of dementie, dan wel aan een langdurige lichamelijke stoornis die deelname onmogelijk maakt

  • bij de politie bekend is dat hij regelmatig drogerende stoffen gebruikt

  • hij uitsluitend een rijbewijs A1, A2 of A had (rijbewijs AM niet meegerekend)

  • hij niet in Nederland woont, maar wel een Nederlands rijbewijs heeft

  • de overtreding is begaan door een bromfietser

  • omdat hij inkomensafhankelijk is van rijbewijs C of D

 

Wat omvat het ASP

  • inbouw alcoholslot

  • periodieke uitlezing van het alcoholslot iedere 46 dagen, onder voorwaarden na een half jaar iedere 92 dagen, maar ook nadat er 3x een spanningsonderbreking is geweest, er is gestart zonder geldig ademmonster, als er is gestart na een ademmonster dat hoger was dan 88ugl, bestuurder niet een hertest heeft geblazen, bij de hertest een ademonster hoger was dan 88ugl

  • het volgen van een begeleidingsprogramma

 

Wanneer niet de juiste medewerking

  • kosten niet tijdig voldoet

  • niet tijdig meewerkt aan uitlezing

  • niet deelneemt aan bijeenkomsten of begeleidingsafspraken

  • wel deelneemt, maar onder invloed verschijnt

  • demonstratief deelneemt

  • agressief gedraagt tijdens deelnemen

  • op andere wijze bijeenkomsten verstoort

  • een ander motorrijtuig, uitgezonderd bromfiets, bestuurt dan was toegestaan voor zijn alcoholslot

  • bij controle blijkt dat hij onder invloed is met een alcoholpercentage, hoger dan 0,88ug/0,2%

  • tijdens het ASP een rijverbod wordt opgelegd

  • het rijbewijs ongeldig wordt verklaard

  • tijdens het ASP er vier of meer foutieve hertesten zijn ontdekt

  • de meting van het alcoholslot heeft omzeild

  • tijdens het ASP het alcoholslot is uitgebouwd, zonder dat er een nieuwe is ingebouwd

  • de verzegeling is verbroken

  • de auto gestart kan worden zonder alcoholslot

  • op andere wijze is beschadigd

 

Kosten

  • opleggen ASP €318,-

  • uitvoeren ASP €760,-

  • kosten voor eventuele verlening á €170,-

  • kosten voor het in stand houden van het alcoholslotregister

 

Uitleg onder c)

onderzoek naar de rijvaardigheid of geschiktheid

 

Het CBR besluit tot onderzoek geschiktheid indien:

  • er wordt een alcoholpercentage vastgesteld van 785 ugl/1,8% of hoger

  • om een aantal redenen niet heeft mogen deelnemen aan de LEMA, EMA of ASP

 

Het CBR besluit tot onderzoek geschiktheid of rijvaardigheid indien:

  • in geval van feiten of omstandigheden als genoemd in bijlage 1 van de regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid.

 

Wanneer niet de juiste medewerking

  • de kosten niet voldoet

  • niet meewerkt aan de onderzoeken

 

Kosten

  • opleggen onderzoek €318,-

  • kosten uitvoeren maatregel €702,-

 

Ongeldig verklaring rijbewijs

Het CBR verklaart het rijbewijs ongeldig in de volgend egevallen

  • betrokkene niet de vereiste rijvaardigheid heeft

  • betrokkene niet de vereiste lichamelijke of geestelijke geschiktheid heeft

 

 

Onderzoek rijgeschiktheid

Het CBR voert zelf geen onderzoeken uit, maar wijst daarvoor een arts aan. Het onderzoek zal altijd passen bij de feiten die bij een betrokkene zijn geconstateerd. Het onderzoek wordt, indien mogelijk zo dicht mogelijk bij u in de buurt uitgevoerd.

Van het onderzoek naar de rijgeschiktheid zijn verschillende varianten, afhankelijk dus van de geconstateerde feiten. Als er sprake is van alcohol of drugs of als er sprake is van een mentaliteitskwestie, wordt iemand naar een psychiater gestuurd.

Als het om de ogen gaat, verwijst het CBR de betrokkene naar een oogarts en als het om epilepsie gaat naar een neuroloog - om enkele voorbeelden te noemen.

De betrokkene is verplicht om aan het onderzoek mee te werken. Bij weigering wordt het rijbewijs ongeldig verklaard.

De keurend arts stuurt na het onderzoek een verslag van de bevindingen naar de divisie Vorderingen van het CBR. Dit verslag wordt door de divisie-artsen of -juristen beoordeeld. Aan de hand daarvan wordt een uitslag vastgesteld. Als betrokkene geschikt wordt bevonden, heeft dit geen consequenties voor het rijbewijs.

Als betrokkene niet geschikt wordt bevonden, bestaat het recht op een tweede onderzoek bij een andere arts. Dit moet binnen twee weken worden aangevraagd. Betrokkene zal zelf een gedeelte van de kosten van het tweede onderzoek moeten betalen.

Als de betrokkene niet geschikt en het rijbewijs dus ongeldig wordt verklaard, is deze verplicht het rijbewijs binnen 7 dagen op te sturen naar de divisie Vorderingen van het CBR. Het is verstandig om dit aangetekend te doen.

Overigens bestaat ook de mogelijkheid om betrokkene tijdelijk ongeschikt te verklaren. Dan dient de betrokkene zijn rijbewijs in te leveren bij het gemeentehuis. Na verloop van tijd kan hij dan een zogeheten Eigen Verklaring indienen bij het CBR. Deze verklaring is te koop bij het CBR, de gemeente of de ANWB. Na het opsturen wordt de betrokkene opnieuw gekeurd, deze kosten zijn voor rekening van de betrokkene. Na gebleken geschiktheid krijgt u een "verklaring van geschiktheid" mee, waarmee u een nieuw rijbewijs aan kunt vragen. Overigens kan deze geschiktheid weer gebonden zijn aan een bepaalde termijn.

Onderzoek rijvaardigheid

Als het vermoeden bestaat dat een betrokkene niet meer rijvaardig is, bijvoorbeeld door lichamelijke gebreken, zal het CBR deze uitnodigen voor een onderzoek naar de rijvaardigheid. De divisie Vorderingen van het CBR wijst daarvoor een deskundige aan van het Bureau Nader Onderzoek Rijvaardigheid (BNOR). Het BNOR is een divisie van het CBR.

Het onderzoek naar de rijvaardigheid is een wettelijke maatregel. Dit houdt in dat uw medewerking verplicht is. De verplichting bestaat uit:

 

    1. Op tijd aanwezig zijn

 

    1. Een geldige identiteitskaart of paspoort kunnen tonen.

 

    1. Meewerken aan alle onderdelen van het onderzoek

 

    1. Rijbebewijs meenemen (indien het rijbewijs niet bij het CBR ligt)

 

    1. Zorgen voor een lesvoertuig in de juiste categorie. Deze moet voldoen aan alle eisen die aan de het lesvoertuig voor de categorie geldt; dit betekent bijvoorbeeld dubbele bediening.

 

Het onderzoek bestaat uit een theoretisch en een praktisch gedeelte. Elk gedeelte duurt ongeveer 70 minuten.

Het theoretisch gedeelte bestaat uit het tonen van een aantal foto's met praktijksituaties, waarover dan vragen worden gesteld.

Het praktisch gedeelte bestaat uit een testrit. De rijvaardigheidsdeskundige kijkt of betrokkene veilig aan het verkeer kan deelnemen.

U legt de test af in de zwaarste categorie voertuig, waarmee u volgens uw rijbewijs mag rijden. Voor de test moet u dan ook met het lesvoertuig komen, waarvoor de zwaarste categorie geldt. Indien u deze test goed aflegt, behoudt u uw volledige rijbewijs.

Mocht u de test in het zwaarste voertuig niet goed afleggen, moet u in een, volgens het rijbewijs, lichter lesvoertuig de test afleggen. Legt u de test met dit lichtere voertuig wel goed af, wordt het rijbewijs voor de zware categorie ongeldig verklaard en blijft u het rijbewijs voor de lichte categorie behouden.

De deskundige rapporteert aan de divisie Vorderingen van het CBR. Aan de hand van het verslag van de bevindingen van de deskundige wordt dan een uitslag vastgesteld.

Als iemand volledig rijvaardig blijkt te zijn, heeft dit geen consequenties voor het rijbewijs. Blijkt betrokkene niet rijvaardig dan bestaat het recht op een tweede onderzoek. Betrokkene zal zelf een gedeelte van de kosten van het tweede onderzoek moeten dragen.

EMA

EMA staat voor "Educatieve Maatregel Alcohol en Verkeer". De EMA is een driedaagse cursus met veel aandacht voor de relatie/scheiding alcohol en verkeer. Het doel van deze cursus is herhaling in de toekomst te voorkomen. De cursus vindt verspreid over een maand plaats en wordt afgerond met een eindgesprek. Op deze manier zijn cursisten over een langere periode bezig met het onderwerp alcohol en verkeer. Vooral ook doordat men huiswerkopdrachten krijgt.

In de cursus wordt duidelijk gemaakt wat alcohol doet in het lichaam en welke effecten dit heeft op het rijgedrag. Ook wordt stilgestaan bij de ernstige gevolgen van alcoholgebruik in het verkeer. Hierbij wordt gebruikt gemaakt van gastdocenten en videomateriaal. Daarnaast worden huisopdrachten meegegeven. De cursus wordt afgesloten met een persoonlijk gesprek.

Bij aanvang van de cursus moet u zich kunnen legitimeren. Doet u dit niet, wordt u niet tot de cursus toegelaten en wordt dit beschouwd als een weigering. De cursus wordt gegeven door docenten van de instellingen voor de verslavingszorg. De cursus duurt drie dagen, oftewel 6 dagdelen. Tussen iedere cursusdag zit ongeveer een week. Het CBR ontvangt na afloop bericht over het verloop van de cursus. Als dit positief is, is daarmee de procedure beëindigd. Daarvan krijgt de cursist uiteraard bericht. Het rijbewijs blijft dan geldig.

Adressen CBR

CBR hoofdkantoor
P.C. Boutenslaan 1
2280 HH Rijswijk (ZH)
Telefoon: 0900-0210
Email:
Contactformulier